Begin met het einde
De laag die je bovenop gebruikt, kun je het beste ook als eerste gebruiken. Vaak zijn dat aardappelen in verschillende variaties. Aardappelen nemen smaak op, dus de sappen van vlees, vis en/of groenten trekken er goed in. Doe je bijvoorbeeld het vlees onderin, dan blijft het een beetje een nat geheel dat je niet makkelijk opschept. Voor de perfecte ovenschotel doe je er daarom een laagje aardappel onder. Dan schep je het veel makkelijker op en de onderste aardappelen zullen een heerlijke smaak hebben doordat ze de jus opnemen. Een uitzondering op die regel is een laag bechamel; die gebruik je alleen in of op de schotel, niet op de bodem.
Laagjes
Bedenk bij de lagen in een ovenschotel dat de smaak van het onderste ingrediënt de smaak van het bovenste zal opnemen. Bijvoorbeeld bij een zuurkoolovenschotel: daar leg je het gehakt op of tussen de zuurkool, zodat de smaak van het gehakt in de zuurkool trekt. Leg je het gehakt onder de zuurkool? Dan zal de smaak veel minder in de zuurkool trekken. Door ergens iets op te leggen, beïnvloed je de smaak en zo ontstaat de perfecte ovenschotel.
Ingrediënten voor de perfecte ovenschotel
Een ovenschotel is ideaal om restjes in te verwerken en bovendien uitstekend geschikt om een dag van tevoren te maken. Wat je erin doet, kan van alles zijn en is altijd persoonlijk. Bedenk bij het opbouwen dus goed hoe je die lagen maakt.
Zorg ervoor dat je groenten al gaar zijn, maar zeker niet te gaar. Een ovenschotel met overgare broccoli is echt niet lekker meer: het moet wel een bite hebben. Je kunt ook prima een stamppot opwarmen door die in een ovenschaal te doen.
Het vlees moet ‘kort’ zijn, zoals dat genoemd wordt: dus geen plakken of lapjes, maar kleine stukjes zoals gehakt, draadjesvlees of blokjes. Zo kun je het makkelijk opscheppen zonder dat je de hele ovenschotel uit elkaar trekt.
De bovenste laag is het aanzicht van een ovenschotel en bepaalt voor een groot deel de structuur.
Variaties in bovenlagen
Aardappelpuree of stamppot
Het is lekker om in een aardappelpuree voor een ovenschotel één of twee eieren toe te voegen. Daar wordt de puree extra luchtig van en na het bakken vrij stevig. Zorg er bij het toevoegen van de eieren voor dat de puree niet al te heet meer is en dat je de eieren er snel doorheen roert; anders krijg je stukjes omelet. Wil je een smeuïge puree, voeg dan wat extra melk, room of boter toe. Je kunt de puree netjes rechtstrijken, er met een vork figuren in tekenen of hem met pieken verdelen. Het voordeel van pieken is dat je meer korst hebt en die korst ook krokanter wordt. De simpelste afwerking is een beetje boter over de puree verdelen voordat die in de oven gaat. Wil je het écht afwisselend maken? Speel dan met diverse toppings.
Schijfjes voorgekookte aardappel
Aardappelschijfjes zijn populair in ovenschotels, maar voor de perfecte ovenschotel beperk je je niet tot alleen die schijfjes. Juist hiermee kun je het verschil maken.
- Kruidenolie: Kruid ze met specerijen zoals kerrie, paprika of Mexicaanse kruiden. Meng de specerijen met een beetje olie en schep de aardappelschijfjes daarna door de gekruide olie. Zo voeg je extra smaak toe. Nog handiger is het om een kruidenolie op voorraad te hebben.
- Bechamelsaus: Een bechamelsaus maakt je ovenschotel smeuïger en smaakvoller. Een vrij dikke saus blijft op de aardappelschijfjes liggen en loopt er een beetje tussendoor.
- Room met ei: Voeg room en eieren toe voor een stevig of juist romig resultaat, afhankelijk van de verhouding. Meer ei geeft een steviger geheel, meer room maakt het smeuïger.
De perfecte ovenschotel met pasta
Krokante afwerking
Maak een lekkere pasta met saus. Eet die vandaag en bewaar een restje in de koelkast. Een paar dagen later doe je de pasta in een ovenschaal: ideaal én twee keer iets anders. Wil je de perfecte ovenschotel? Dek de pasta met saus af met een krokant laagje. Je gasten zullen smullen.
Tomaten- of bechamelsaus
Begin met een pure pasta en maak apart een saus, zoals tomaten-, bechamel-, kaas- of kerriesaus. Zet dat in de oven en je hebt een ovenpasta. Ook hier geldt: wil je de perfecte ovenschotel? Werk het af met een krokant laagje.
Een laag gesmolten kaas
Vraag een Nederlander wat er op een ovenschotel hoort en het antwoord is: kaas! Iedereen is dol op dat krokante laagje. Kinderen eten vaak eerst de kaas op. Gebruik eens een andere kaas dan geraspte Goudse. Kies voor een pittige kruidenkaas, zachte (buffel)mozzarella of een combinatie van oude en jonge kaas. Ga voor karakter met blauwe kazen of cheddar. Zo geef je jouw ovenschotel extra smaak.
Groente zoals bloemkool, prei, broccoli of courgette
Een ovenschotel is ideaal om meer verse groenten te eten. Doe het net even anders:
- Verrijk met een saus: Geef groenten extra smaak met een saus, zoals een romige bechamel, frisse tomatensaus, hartige kaassaus, milde kerriesaus of een pesto met karakter.
- Geef smaak met kaas: Dek groenten af met een laag kaas die goed past bij de groente. Zo smelt de kaas er lekker doorheen.
- Krokante topping: Geef een groentenovenschotel een krokante topping met stukjes oud brood, olie en kruiden. Dit geeft extra smaak én textuur.
Wat is jouw perfecte ovenschotel?
Ovenschotels kun je prima vegetarisch maken. Door creatief met smaken te spelen, serveer je echt iets lekkers en niemand zal het vlees missen. Wat is voor jou de perfecte ovenschotel?
