Pruimen koop je het liefst los. Dan kun je ze zelf uitzoeken, voorzichtig voelen en beschadigde of te zachte exemplaren laten liggen. Dat is bij kwetsbaar fruit als pruimen geen overbodige luxe. Koop je toch een bakje, kijk dan extra goed. Draai het om en controleer ook de pruimen die onderop liggen. Juist daar kunnen gekneusde of lekkende exemplaren verstopt zitten.
Kijk ook naar de herkomst. In het Nederlandse pruimenseizoen kies je voor Nederlandse pruimen. Je hoeft dan echt geen fruit mee naar huis te nemen dat van ver komt. Let dus op het bordje bij het fruit, de verpakking of het etiket en controleer waar de pruimen geteeld zijn.
Verse pruimen kopen: zoek ze zelf uit
Verse pruimen worden in veel winkels mishandeld. Je ziet dat vaak snel, omdat er fruitvliegjes op afkomen. Let dus een beetje op als je pruimen koopt. Goede pruimen hebben een gave schil en voelen stevig aan, maar ze hoeven niet keihard te zijn. Wil je die verse pruimen direct eten? Dan mogen ze bij lichte druk iets meegeven. Heel harde pruimen hebben nog wat tijd nodig. Erg zachte pruimen moet je juist snel gebruiken.
Neem losse pruimen daarom één voor één in je hand. Je voelt dan (voorzichtig!) wat je koopt. Kleine natuurlijke plekjes op de schil zijn geen probleem, maar natte plekken, scheuren of schimmel zijn echt redenen om de pruimen te laten liggen. Ga niet in pruimen knijpen die je zelf niet koopt. Het is erg kwetsbaar fruit, ga daar dus voorzichtig mee om.
Vertrouw kilobakken pruimen nooit. Je kent wel de mandjes pruimen uit de supermarkt. Als er één beschadigde, net te rijpe pruim in zit, kun je bijna de hele bak straks weggooien. Door één vrucht die vocht loslaat, gaan alle vruchten plakken en dat wil je niet kopen. Check die kilobakken, dus dubbel. Het beste advies is om pruimen te kopen die los in de kist liggen en die je dus zelf uit kunt zoeken.
Die witte waas hoort op een pruim
Op blauwe en paarse pruimen zit soms een doffe, witachtige waas. Dat is een natuurlijke waslaag op de schil. Ga die in de winkel dus niet wegpoetsen of uitgebreid wegwrijven. Was de pruim pas als je hem gaat eten of bereiden.
Een pruim is steenfruit
Pruimen horen bij het steenfruit. Dat is fruit met vruchtvlees rond een harde pit, zoals ook kersen, perziken en nectarines. Die pit moet er dus uit als je het fruit gaat gebruiken voor gebak, compote, jam of een warm gerecht.
Harde pruimen kun je thuis verder laten rijpen
Heb je stevige pruimen gekocht die nog niet helemaal rijp zijn? Leg ze dan op de fruitschaal en controleer ze elke dag. Zodra ze zachter worden, kun je ze eten of verwerken.
Leg rijpe pruimen niet onnodig lang op het aanrecht. Zeker op warme zomerdagen kan het snel gaan. Een pruim die vandaag precies goed is, kan een paar dagen later al te zacht zijn. Heb je meerdere rijpe pruimen tegelijk, gebruik ze dan op tijd.
Pruimen bewaren op de fruitschaal of in de koelkast?
Pruimen die nog verder moeten rijpen, bewaar je op een koele plek of op de fruitschaal. Zijn ze eenmaal rijp, dan kun je ze een paar dagen in de koelkast bewaren om de verdere rijping af te remmen. Rijpe pruimen zijn kwetsbaar, dus koop niet meer dan je binnen een paar dagen kunt eten of verwerken.
Kijk daarbij vooral naar het fruit zelf en niet alleen naar een datum op een verpakking. Is een pruim bij aankoop al erg rijp, dan moet je hem misschien dezelfde of de volgende dag gebruiken.
Controleer pruimen die je thuis bewaart regelmatig. Haal een beschadigd of beschimmeld exemplaar er direct tussenuit.
Was pruimen pas vlak voor gebruik
Aan een pruim hoef je weinig schoon te maken. Was hem pas vlak voordat je hem eet of verwerkt. Spoel de vrucht voorzichtig onder stromend water en wrijf de schil met je handen schoon. Heel koud water is niet nodig.
De schil is eetbaar en kun je bij vrijwel alle gewone bereidingen laten zitten. Dat scheelt je werk en de pruim blijft tijdens het bakken of verwarmen beter in vorm.
Zo haal je de pit uit een pruim
Snijd met een klein, scherp mes rondom de pruim tot je tegen de pit komt. Pak beide helften vast en draai ze voorzichtig van elkaar. Bij sommige rassen laat de pit makkelijk los. Bij andere zit hij stevig aan het vruchtvlees vast.
Probeer een rijpe pruim niet met geweld uit elkaar te trekken. Dan heb je al snel pruimenmoes in je handen. Zit de pit vast, snijd de pruim dan in parten langs de pit en haal het laatste vruchtvlees er met een klein mesje af.
Welke pruim gebruik je voor welke bereiding?
Voel eerst hoe rijp pruimen zijn voordat je bepaalt wat je ermee gaat doen. Een stevige pruim houdt tijdens het bakken en roosteren beter zijn vorm. Een heel rijpe pruim wordt snel zacht en is daardoor beter voor compote, jam of pruimenmoes.
| Bereiding | Welke pruimen? | Richttijd | Waar let je op? |
|---|---|---|---|
| Bakken in de pan | Stevig tot rijp | Een paar minuten | Stop als het vruchtvlees zachter wordt, maar de stukken nog vorm hebben. |
| Roosteren in de oven | Stevig tot rijp | 15-25 minuten | De pruimen mogen zacht worden en sap loslaten zonder dat ze helemaal uit elkaar vallen. |
| Compote of moes | Rijp tot heel rijp | 10-15 minuten | Hier mogen de stukken juist zacht worden en uit elkaar vallen. |
| Gebak | Stevig tot rijp | Volgens het recept | Gebruik niet die hele zachte pruimen als je stukken fruit wilt blijven zien in het resultaat. |
Wat kun je nog meer met verse pruimen?
Pruimen alleen uit de hand eten doet het fruit eigenlijk tekort. Rijpe pruimen kun je verwerken tot pruimencompote, pruimenmoes, jam of saus. Stevigere exemplaren kun je bakken, roosteren of gebruiken in taart, cake en crumble.
Wil je het eenvoudiger houden? Snijd dan wat verse pruimen door de yoghurt of in een fruitsalade. Daarvoor heb je een goed rijpe pruim nodig. Voor gebak of warme gerechten mag het fruit wat steviger zijn.
Veel rijpe pruimen? Vries ze in
Heb je meer rijpe Nederlandse pruimen dan je op kunt? Laat ze dan niet liggen tot je ze weg moet gooien. Je kunt ze ontpitten en in stukken invriezen. Na het ontdooien worden ze zachter, maar voor gebak, compote of saus is dat meestal geen probleem.
Je kunt ook eerst pruimenmoes maken. Ontpit de pruimen, verwijder eventueel de schil als je een heel gladde moes wilt, en kook het fruit met een klein bodempje water zacht. Suiker toevoegen hoeft niet per se; proef eerst hoe rijp het fruit is. Laat de moes afkoelen en vries het dan in porties in.
