Kipragout met paddenstoelen en crème fraîche. Blikjes ragout worden nog altijd heel veel verkocht. Waarom? Een zelfgemaakte ragout is zoveel lekkerder. De kipragout in dit recept is het sprekende voorbeeld. Probeer het eens te maken, het is echt heel makkelijk. En als je het eenmaal proeft, begrijp je dat we dat zelf maken stimuleren. Verse kip, een krachtige kipbouillon van diezelfde kip, smaak en bite van de verse paddenstoelen, en dan de crème fraîche voor dat fluweelachtige accent. Dat is koken, dat is smaak, dat ga je vanzelf waarderen.
Van soepkip trek je bouillon
Het is echt een beetje gek, toch? Stukjes kip in een ragout gebruiken en er dan een bouillonblokje voor de smaak bij doen. Die kip moet garen, dan kun je er ook gelijk een echt lekkere bouillon van trekken. Zo gebruik je vlees beter en je werkt met echte smaken. Het is niet meer dan een soepkip opzetten in een pan water, er groenten en verse kruiden bij doen, en het geheel even laten trekken. Een kleine moeite en eigenlijk niet zoveel meer werk dan een pan met water en een bouillonblokje opzetten. Ga voor vers, daar krijg je nooit spijt van.
Een roux maken is een basistechniek die je heel snel onder de knie hebt
Een roux bestaat uit roomboter, bloem en een vloeistof. Je verhit de roomboter langzaam; het hoeft alleen te smelten. Je voegt de bloem toe en roert met een garde. Je ziet dan een soort deegje ontstaan, en dat is precies wat je nodig hebt. Dat deegje moet nog even bakken; daarmee voorkom je dat het naar bloem gaat smaken. Dan voeg je de vloeistof beetje bij beetje toe. Je ziet dat het deegje (de roux) de vloeistof opneemt. Voeg je weinig vloeistof toe, dan heb je een ragout. Voeg je meer vloeistof toe, dan heb je een saus. Voeg je nog meer vloeistof toe, dan heb je een gebonden soep. Kortom: één basisrecept is geschikt voor drie totaal verschillende gerechten. In dit geval maak je dus een roux, je gebruikt zelfgetrokken kippenbouillon als vloeistof en je voegt er stukjes kip en verse paddenstoelen aan toe. Simpel, maar wel heel erg lekker.
Crème fraîche is een alleskunner
Als je een beetje een thuiskok bent, zul je beamen dat crème fraîche altijd in jouw koelkast hoort te staan. Crème fraîche is relatief lang houdbaar en een superhandig hulpmiddel in de keuken. Crème fraîche gebruik je voor warme gerechten, zoals deze kipragout met paddenstoelen en crème fraîche. Dat is anders dan zure room, want die gebruik je voor koude gerechten. Wij adviseren om altijd crème fraîche, zure room en slagroom in huis te hebben. Deze drie zijn vers, puur, onbewerkt en maken alle overige soorten room overbodig. In de kipragout met paddenstoelen is het de crème fraîche die het heerlijk romig maakt. Je krijgt zo een fluweelachtige ragout, die lekker is op toast of in een pasteitje, maar ook bij patat (loaded fries), aardappelpuree, rijst of pasta.
Eén keer werk, meerdere keren plezier
Je maakt een grote pan kippenbouillon van soepkip met verse groenten en kruiden. Een beetje van die bouillon en een beetje van die kip verwerk je in de ragout. Je raadt het al: de rest is geschikt voor een heerlijke pan kippensoep. Die kun je aanvullen met nog wat verse groenten (voor de bite) en wat pasta of vermicelli. Zo haal je alles uit één soepkip, met maar één keer werk. In iets meer dan een halfuur (buiten de tijd die de kip moet sudderen) maak je twee gerechten waar iedereen blij van wordt. Vers, volledig naar je eigen smaak aan te passen en met eerlijke ingrediënten uit ons eigen land.
