Rijstepap met stoofpeertjes – na een gezellig etentje in het weekend hoort een nagerecht. In de zomer licht en fris. Op donkere winterse dagen mag het net wat voller en kruidiger zijn. Dan is een nagerecht van zelfgemaakte rijstepap met stoofpeertjes perfect. Dit is door de klassieke Hollandse recepten een typisch Hollands nagerecht geworden. Toch is dit nagerecht niet heel zwaar. Door een heel eenvoudig foefje toe te passen bij de rijstepap krijg je een luchtige rijstepap met een luxe uitstraling.
Lichte en luchtige rijstepap met stoofpeertjes
Een rijstepap gekookt met volle melk is vrij compact en is na afkoelen behoorlijk stevig. Als je een iets luxer en luchtiger nagerecht wil maken met rijstepap, kun je er slagroom aan toevoegen. Die slagroom kook je niet mee, maar klop je stevig. Als de rijstepap koud is, roer je hem even los. Daarna spatel je de geklopte slagroom voorzichtig door de rijstepap. De rijstepap wordt hierdoor vanzelfsprekend ook romiger; je zou het bijna een mousse kunnen noemen. De rijstepap met stoofpeertjes is hierdoor lichter en luchtiger dan de ‘gewone’ rijstepap.
Stoofpeertjes, een heerlijke klassieker
Er zijn veel manieren om stoofpeertjes te maken. De stoofpeertjes voor bij de rijstepap worden gemaakt met een recept waar rode port in verwerkt is. Je hoeft niet bang te zijn voor de alcohol, want die verdwijnt door het koken. De rode port geeft de stoofpeertjes een heerlijke volle smaak. De citroen, die er ook in verwerkt is, zorgt voor een frisse toets. Gebruik je liever geen alcohol? Kies dan voor bessensap.
De stoofpeertjes kleuren mooi rood door het gebruik van rode port. De ene port zal iets rodere peertjes opleveren dan de andere. Wil je graag rijstepap met mooie, donkere stoofpeertjes? Dan is daar een trucje voor: kook met de peertjes een paar bramen of wat bramensap mee, voor een echt donker effect.
